Suze Groeneweg, onderwijzeres, politica en eerste vrouw in de Tweede Kamer, verdient zeker een plek tussen de vrouwen waarover u eerder in De Polderkrant heeft kunnen lezen.
Gezin en Opleiding
Suzanne Groeneweg werd geboren op 4 maart 1875 in Strijensas in de Hoeksche Waard. Zij was de dochter van Arie Groeneweg, winkelier en landarbeider, en Emmigje de Ruiter. Zij was het derde kind van de vijf kinderen die het gezin telde. Na de lagere school ging zij in 1889 naar de Rijksnormaalschool in Numansdorp voor de opleiding tot onderwijzeres.
Loopbaan als onderwijzeres
In 1893 begon de loopbaan van Suze als onderwijzeres in haar geboortedorp Strijensas aan de school waar zij als kind heeft leren lezen en schrijven. Daarna gaf zij les op lagere scholen in Duivendijke, Krimpen aan de IJssel en Dordrecht (in 1902/1903). Vervolgens kreeg zij een baan in Montfoort aan het Rijksopvoedingsgesticht voor meisjes.
Politiek
Vanuit de door haar opgedane ervaring over de slechte behandeling van meisjes tijdens de periode aan het Rijksopvoedingsgesticht sloot Suze zich in 1902 aan bij de Bond van Nederlandsche Onderwijzers (BNO).
Ze was ook actief in de Nederlandsche Vereeniging tot Afschaffing van Alcoholhoudende Dranken (in de volksmond ‘De Blauwe Knoop’). Van 1920 tot 1928 was zij hoofdbestuurslid.
In 1903 werd Suze lid van de Sociaal Democratische Arbeiderspartij (SDAP), later opgegaan in de PvdA. Zij was naar Rotterdam verhuisd en zat daar al snel in het afdelingsbestuur. Ze bleek een begaafd spreker te zijn op partijcongressen en bij betogingen. In 1905 richtte zij binnen de afdeling een vrouwenpropagandaclub op. Hoewel zij gold als feministe vond zij een aparte vrouwenorganisatie niet nodig, omdat dit vrouwen juist een stempel van ongelijkwaardigheid zou geven. Zij was dan ook een tegenstander van de in 1908 opgerichte Bond van Sociaal-Democratische Vrouwenclubs (BSDVC). In 1908 werd ze lid van het Federatiebestuur van de SDAP
en in 1914 (tot 1936) van het landelijk bestuur. Bij de verkiezingen in 1918 kwam Suze als eerste vrouw in de Tweede Kamer. Dit was nadat in 1917 vrouwen in Nederland passief kiesrecht hadden gekregen (zij konden niet zelf stemmen, maar konden wel verkozen worden). Haar benoeming baarde uiteraard het nodige opzien; zowel bij haar mannelijke collega-Kamerleden als in praktische zin, zoals de noodzaak om een vrouwenkleedkamer te realiseren. De gang erheen werd al snel ‘het Groenewegje’ genoemd. Een beetje pikant omdat er zich aan ’t Groenwegje in Den Haag veel kroegen en bordelen bevonden.
Onderwerpen waar Suze zich vooral op richtte waren vrouwenrechten, antimilitarisme, drankbestrijding en zuigelingen- en moederschapszorg, waarbij zij gelijkheid tussen mannen en vrouwen bepleitte. Zij was ook voorvechter van een wettelijke verlofregeling bij zwangerschap; ook voor ongehuwden.
Een andere functie die zij als eerste vrouw in Nederland bekleedde was die van onbezoldigd ambtenaar van de Burgerlijke Stand, waardoor zij huwelijken mocht voltrekken.
Afscheid
In 1937 nam zij om gezondheidsredenen afscheid van de Tweede Kamer. Ter gelegenheid van dit afscheid liet het partijbestuur een gedenkboek samenstellen, waarin vooraanstaande partijleden als Vorrink en Albarda hun waardering voor haar uitspraken. Ze werd in dat jaar ook benoemd tot Ridder in de Orde van de Nederlandse Leeuw.
Op 19 oktober 1940 stierf Suze Groeneweg in Barendrecht, waar zij sinds 1933 woonde. Zij is nooit getrouwd geweest.
Waardering
De huidige inwoners van de Hoeksche Waard zijn trots op hun streekgenoot.
In oktober 2025 – 150 jaar na haar geboorte – is in museum Het Land van Strijen een borstbeeld in keramiek van Suze Groeneweg onthuld, gemaakt door Jan Bijl. In het verenigingsgebouw in Strijensas is vanaf dezelfde datum een olieverfportret, gemaakt door Marianne Blok, te zien. Bijzonder is dat dit verenigingsbouw het voormalige schoolgebouw is waar Suze les kreeg en les gaf.
Eerder al, in september 2018 – 100 jaar nadat zij tot de Tweede Kamer toetrad – werd in het Tweede Kamergebouw een borstbeeld van Suze onthuld (zie foto) dat is gemaakt door Siemen Bolhuis. Het heeft daar een vaste plek gekregen.
Door: Riet Hootsen




